|

W.E. Butler
Ernie Butler 1889-1978
Geschreven
in 1994 door Tim Keene voor GardenStone
Nederlandse vertaling: GardenStone
Copyright: GardenStone
Ernie werd geboren in
een klein dorpje, ongeveer 25 kilometer van de stad York. Hij was een tamelijk normale
jongen, maar wel heel weetgierig. Hij moest vrij vaak van de basisschool wegblijven,
omdat hij elk jaar in de winter longontsteking, bronchitis en andere soortgelijke
ziekten kreeg. Hij was van elk jaar zo'n zes maanden zo ziek, dat hij niet naar
school kon gaan.
Toen hij twaalf werd,
verliet hij deze eerste school, en bezocht een andere school verder naar het zuiden,
om een beroepsopleiding te volgen.
Enige jaren tevoren,
hij was toen negen jaar, kreeg hij een artikel over offeren in vroeger tijden en
andere historische gebruiken onder ogen. Naar aanleiding daarvan ging hij naar een
nabijgelegen bos, en volvoerde daar een ritueel, waarbij hij een grote steen als
altaar gebruikte. Er gebeurde iets, en hevig geschrokken rolde hij de heuvel af!
Hij was op dat moment heel bang, maar hij had zichzelf bewezen, dat er achter de
zichtbare wereld nog iets bestond.
De beroepsopleiding
ondervond hij als heel streng, en voor mytieke dingen was er geen tijd. Hij was
er duidelijk heel ongelukkig, want hij zei, dat hij de indruk had, dat daar tweehonderd
jongens op school waren, wiens einige doel in het leven was, om hem ongelukkig te
maken.
Toen hij later in
een munitiefabriek ging werken, kwam hij in aanraking met een man, die een poos
als reizende hypnotiseur had gewerkt. Hij leerde aan Ernie de werkwijzen van het
Mesmerisme en hypnose, die, naar hij zei, niet hetzelfde zijn. Op een dag zei deze
man hem, dat er in Wimbledon leraren waren, die veel over deze dingen wisten. Hij
noemde ze spiritisten. Ernie ging er op af en hij viel er met z'n neus in de boter!
In deze tijd begon hij psychische vaardigheden te ontwikkelen. Maar daarmee alleen
was hij niet tevreden.
Op een zondag was
daar in Wimbledon een lezing door ene Robert
King. Na
deze voordracht was Ernie buiten zichzelf van opwinding. Hij zou en moest met deze
man kennismaken. Dat gebeurde ook. Bij deze eerste ontmoeting zei King: 'We hebben
elkaar al eerder ontmoet, nietwaar?'
King werd zijn eerste
leraar. Door King kwam hij ook in aanraking met het Theosofische Genootschap, bij een bijzondere binnengroep, die
door King werd geleid. 'Het is een van de fundamentele groepen achter veel andere
broederschappen en ordes', zei King.
Het is me niet bekend, welke groepen hij hier nu precies mee bedoelde, maar het
is waarschijnlijk, dat deze groepering deel uitmaakte van de liberale katholieken.
In elk geval kreeg Ernie op deze wijze voet binnen de occulte beweging.
Hierna meldde Ernie
zich bij het leger, en vocht mee in de eerste wereldoorlog. Hij raakte gewond, overleefde
het echter.
In een ziekenhuis in het noorden van Engeland trof hij King ook weer.
Enige tijd later
vertrok hij naar India, waar hij enige jaren verbleef. Hij kwam er in contact met
enige yogis, en leerde veel van hen. Hij vertelde later, dat het ook in India was,
dat hij contact kreeg met de Goden der Wijsheid, de Meesters van het Pad. Hierover
heeft hij later echter nooit meer gesproken.
Intussen was hij
al een tijdje lid van de buitengroepen van het theosofische Genootschap, en hij
diende een aanvraag in, om toegelaten te worden tot de binnencircel. Lange tijd
hoorde hij hierover niets.
Als hij dan in Muttra was, een kleine stad aan de rand van de Zin woestijn, en daar
vanwege een opgelopen malaria in het ziekenhuis lag, kreeg hij daar bezoek van een
vrouw, die tot het theosofische Genootschap behoorde.
'Prachtig', meende Ernie, 'dat heeft vast en zeker te maken met mijn aanvraag voor
toelating tot de binnenkring.'
Zij zei: 'de voorzitster
voor de contacten naar de buitenwereld (dat was Annie Besant), laat u weten, dat
de leiders van de binnenkring (daarmee worden de innerlijke werelden bedoeld), besloten
hebben, dat het u in geen geval toegelaten wordt to die esoterische groep.'
En dat was dat!
Maar ze voegde eraan toe: 'Ik heb dit voor u meegebracht', en ze gaf hem een dieprode
roos. Hij dacht: 'Fijn, dat mag dan wel heel aardig bedoeld zijn, maar dat brengt
me niet verder. In geen geval....'.
Later keerde Ernie
naar Engeland terug en trad daar in het huwelijk.
In die tijd las hij een artikel van Dion
Fortune,
die bij hem alle bellen lieten rinkelen. Dus schreef hij haar een brief. Ook ondernam
hij naspeuringen naar King, kon deze echter niet vinden.
Dion Fortune nodigde hem uit om naar Glastonbury te komen, en daar ontmoette hij,
behalve Dion, ook C.T.
Loveday.
Tijdens het gesprek vertelde hij hen ook het verhaal van de afgewezen aanvrrag voor
toelating tot de binnenste kringen van het theosofisch Genootschap. Loveday verliet
hen even, en kwam even later terug met een kruis met een roos erop. Hij vroeg Ernie,
of hij zoiets al eens had gezien.
Dat had hij, want King had een dergelijk kruis gedragen. Dion lachte even, en zei
toen, dat hij door de theosofische school afgewezen was, omdat hij geen lid van
de orde was. Daarom had men hem ook de roos van de Rozenkruisers gegeven; deze hoorde,
evenals Ernie zelf, tot de westelijke traditie, en niet, zoals het TG, tot een oostelijke
traditie. (Wellicht een advies, zich daar te melden).
Door zijn contacten
met Dion Fortune sloot hij zich aan bij 'The Inner Light', het genootschap van Dion Fortune. Na enige tijd
gaf ze hem de leiding van een logeafdeling in Guilford. Toen de tweede wereldoorlog
uitbrak, werde deze loge gesloten.
De 'Inner Light' viel kort na Dion Forutne's dood uit elkaar, en de overgeblevenen
sloten zich aaneen tot een groep met de naam 'The Helios Book Co'. Dat was de voorloper van de orde der 'Dienaren
van het Licht'.
(Servants
of the Light - S.O.L.).
Deze groep werd geleid door Dr. Basilicum Wilby, beter bekend onder de naam Gareth Knight.
Ze ontwikkelden een cursus Magie; Basilicum schreef de eerste acht hoofdstukken,
Ernie de andere drieenveertig! Naar aanleiding daarvan zei hij:
'Mijn contact met
Dion Fortune betekende voor mij, dat de oude contacten op spiritueel niveau, die
ik lange tijd geleden bij King en in mijn indiase tijd had, weer hersteld zijn.
Mijn eigenlijke (niet-menselijke) leraar, met wie ik destijds verbonden was, heeft
nu zijn taak weer opgenomen.'
Hij had het over
een niet-menselijke
entiteit..
De cursus is nu het
hoofdprogramma van de S.O.L.
Ernie zei, dat deze
cursus onder de bescherming en met adviezen van voornoemde entiteit ontstaan.
En daarmee beeindig ik deze korte samenvatting van het leven van Ernie Butler, zoals
ik die ken. Het doet mijn eigen leven een beetje saai lijken.
Voor mij zijn de geschriften en boeken van Ernie Butler heel speciaal, en ik heb
veel van hem geleerd, ondanks het feit, dat hij deze incarnatie verlaten heeft.
Tim Keene
Nawoord van GardenStone:
Ook Tim Keene is inmiddels voor zijn volgende incarnatie
aangetreden.
Terug
|