|

De
wilg
Door:
Col
© Copyright: Col, 2000
bomen@boudicca.de
Door de auteur aan Boudicca's Bard ter publicatie aangeboden
Latijn: Salix
Wilgenfamilie: Salicaceae
Engels: willow
Duits: Weide
Frans: Saule
Rune: saille
Symboliek
De boom van betovering, van dood en wedergeboorte in een nieuwe gedaante, van het
ontwaken van sluimerende gaven, van intuïtie.
Godin: Hekate, Circe, Hera en Persephone, de'duistere'
of doods-aspecten van de drievoudige maangodin, Arianrhod
God: Vidhar
Machtsdieren: wolvin, slang, haas, kat.
Botanie
Daar het hier om verschillende soorten gaat is er moeilijk een beschrijving te geven.
Er zijn echter kenmerken die alle soorten gemeen hebben. Ze kunnen een struik of
een boomvorm hebben. De bloemen verschijnen voor de bladeren: ze worden wilgenkatjes
genoemd. Alle soorten zijn tweehuizig, behalve soms de treurwilg. Mannelijke en
vrouwelijke bloemen in katjes komen dus op verschillende bomen voor, elk in de oksel
van een gaafrandig schutblad, met een of twee kleine honing kliertjes, zonder bloemdek..
De mannelijke herkent men aan het gele stuifmeel en hebben 2, 3 of 5 meeldraden.
Vrouwelijke bloemen met talrijke zaadknoppen.
Bloeitijd; in het vroege voorjaar, voor of tegelijk
met het verschijnen van de bladeren (maartapril). Voorkomen, op vochtige plaatsen
langs wegen, sloten, op vochtige weilanden, aan rivieroevers en op moerassige plekken,
oogst en bereiding in het vroege voorjaar haalt men de schors van middeldikke takken
en droogt die in de buitenlucht.
Er
zijn onwaarschijnlijk veel soorten wilg, sommige met blaadjes die veeleer op elzen-
dan wilgenbladeren lijken, zoals de Safix caprea. Enkele voorbeelden
Salix
alba (schietwilg)
Salix
caprea (boswilg)
Salix
viminalis (katwilg)
Salix
babylonica (groene treurwilg)
Salix
fragilis (kraakwilg)
Salix
pentandra (laurierwilg)
Salix
purpurea (bittere wilg)
Een soort herkennen we, zeker van vroeger, en dat is de Schietwilg (salix alba).
Deze soort komt na een heuse uitroeiingsperiode terug in de mode. Men vindt hem
langs (vochtige) weilanden en langs waterkanten, maar meestal in geknotte vorm en
dan wordt de boom ook knotwilg genoemd. Doordat zijn kroon ontzettend snel groeit
(sap produktie) helpt hij de drassige landerijen droog te houden. Van de snelgroeiende
tenen werd en wordt dankbaar gebruik gemaakt voor vlechtwerk.
De
Schiet- of Knotwilg verbasterd vaak met ander soorten. In Groot- Britannië
wordt van Salix alba de variëteit coerulea gekweekt voor het vervaardigen van
cricketbats. Bloeitijd van de schietwilg is mei - juni. De boom komt overal in Europa
voor, zelfs in Noord-Afrika en in Azië is hij thuis.
Een
andere zeer herkenbare soort is de Groene treurwilg (salix babylonica). Deze sierlijke
boom wordt tot 20 meter hoog.
Zijn
bladen lijken zeer sterk op deze van de schietwilg en zijn eveneens smal, lancetvormig
en fijn getand.
Oorspronkelijk
is deze soort afkomstig uit China.
De
treurwilg die men in onze streken aantreft in siertuinen en parken echter is de
kruising met de salix Alba, omdat deze een lichtere kleur van takken blad geeft.
Bloeitijd is mei.
De
Boswilg is een 3 tot 10 m hoge struik of boom, vaak met korte gedraaide stam. De
schors is lichtbruin en ondiep gegroefd, de bladen zijn, in tegenstelling tot de
bovenstaande soorten breed eirond tot eirond langwerpig, met een afgeronde voet.
De katjes verschijnen vóór het blad en verkleuren van bruin naar wit.
Ook deze boom- struik maakt het ons zeer moeilijk daar er vele verschillende variëteiten
van bestaan.
Je
kunt hem ontmoeten overal in Europa, in het laagland zowel als in bergachtige streken,
in bossen, struikgewassen en hagen.
Gebruik
Geneeskracht
Medisch
gebruikte delen: de schors
en bladknoppen.
Van
bittere wilg (Salix purpurea), die glanzende, geelachtig tot purperrode twijgen
heeft, worden ook de katjes gebruikt.
Drogerij : Cortex salicis.
Salix
alba bevat looistof, hars,
slijm, was, zout, glucoside, salicine en galluszuur.
Werkzame
stoffen:
Salicylzuurverbindingen
zijn de voornaamste stoffen.
Van oudsher is de wilg geroemd voor
zijn geneeskrachtige eigenschappen. Werkt op de waterwegen van het lichaam, is waterafstotend,
pijnstillend en kiemdodend. Ook te gebruiken bij zenuwkwalen, lever- en miltaandoeningen,
en witte vloed.
Salicine
is tegenwoordig het hoofdbestanddeel van aspirine. Vooral de bast en de bladknoppen
van de schietwilg worden gebruikt,
De
bast in thee als koortswerend middel, vooral als die ziekte gepaard gaat met hoofdpijn.
Ook wel tegen diarrhee, reuma en slapeloosheid of als samentrekkend middel. De thee
drinkt men ook tegen jicht, en bij bronchitis en bloedingen. Verder dient de thee
tegen maag- en darmklachten.
Ook
in tinctuurvorm tegen darmontsteking en reuma
Bereiding
thee
Je
maakt de thee van de bast van sterke, jonge wilgen vóór de bloeiperiode
(in normale jaren: april-mei). In de lente is de schors gemakkelijk los te maken.
De bast kan echter ook in de herfst worden geoogst.
1 flinke
theelepel fijngesneden schors met 1 / 4 liter koud water opzetten en langzaam aan
de kook brengen. Dan van het vuur nemen en na ongeveer 5 minuten afzeven. Twee kopjes
per dag vormen de juiste dosering.
Bijwerkingen : in de aangegeven hoeveelheden gedronken
zijn er geen bijverschijnselen te duchten. Voor Zwangere vrouwen echter verboden.
Een
ander recept voor wilgenbastthee:
10
g gedroogde bast, enige uren laten trekken op kop water, dan even opkoken, zeven
en de hele dag kleine slokjes drinken.
Voeding,
brandbaarheid en ander praktisch gebruik
Brandhout: goed lang drogen.
Katjes als vulling voor matrassen en kussens
Klompen
Vlechtwerk voor manden, basis voor dijken.
Wasknijpers van jong wilgenhout, circa 1 cm dik, schors
wegsnijden, splijten, en uiteenbuigen, de uiteinden afronden.
Magisch
gebruik, mythen en legenden
Kernwoorden voor magisch gebruik zijn: liefde, verheerlijking van entiteiten, bescherming
en genezing.
De
wilg is de heksenboom bij uitstek. Omdat je haar steevast langs de waterkant of
op drassige weilanden aantreft, is ze als vanzelfsprekend met de maan, die de zeëen
regeert, verbonden. Als waterboom ook verbonden met de muziek: Orfeus ontving zijn
harp uit een wilg in de grove van Persephone.
De
zogenaamde heksenbezems worden gemaakt van berkentwijgen, een steel van es, terwijl
wilgentenen die twee aan elkaar binden.
Grafheuvels
in het steentijdperk werden vaak met wilgen omzoomd, later werden blaadjes van wilg
(en Els) gebruikt voor de pijlpunten die steevast in de megalitische graven werden
aangetroffen.
In
het oude Griekenland was de Wilg toegewijd aan Hekate, Circe, Hera en Persephone,
de'duistere' of doods-aspecten van de drievoudige maangodin. De wilg (in het Grieks:
helice) gaf zijn naam aan Helicon, de verblijfplaats van de negen Muzes, priesteressen
van de Maangodin. Europa werd op oude munten aangetroffen, zetelend in een Wilg
met een tenen mandje in haar hand (en in een vrijage verwikkeld met een arend. Het
dragen van wilgentakken op een hoed zou de jaloezie van de maangodin hebben afgeweerd.
"All around my hat, I will wear the green willow', zong Steeleye Span, daarmee
te kennen gevend dat de zangeres
door haar lief in de steek was gelaten. (Shakespeare's Desdemona die door Othello
ten onrechte voor haar ontrouw werd vermoord, zingt ook al over de 'green willow'.
"To wear the willow' betekent in Engeland zoveel als het 'hoorns dragen' in
onze contreien. Een beroemde Griekse afbeelding van Plygnotus in Delphi toont Orpeus
als hij de gave van mystieke welsprekendheid ontvangt door de wilgen in het heilig
woud van Persephone aan te raken. De wilg is de boom van betovering, van dood en
wedergeboorte in een nieuwe gedaante, van het ontwaken van sluimerende gaven. En
ook in de gewone wereld, daarbuiten, is de wilg de eerste die na de lange winter
wakker wordt en zijn groene lentekleedje aantrekt. Steek simpelweg een paar takken
wilg in de (natte) voorjaarsgrond, en de kans is groot dat je een nieuw bos hebt
aangeplant. Een stevig vruchtbaarheidssymbool dus. Als je op oudejaarsavond je schoen
in een wilg gooit, en hij blijft hangen, trouw je binnen het jaar. Om iemand verliefd
op je te laten worden, draag je wilgenbladeren bij je als je naar de bewuste persoon
toegaat. Maar dit leidt ons wel wat te ver: eerst eens bekijken hoe we de wilg kunnen
herkennen.
De
wilg wordt ook geassocieerd met de scheppingsmythe, waarin 2 scharlaken zeelslangen
de eieren van zon en maan verborgen in de twijgen van een wilg. De eieren kwamen
op aarde terecht en braken open toen de twijgen werden geknipt.
De
wilg wordt ook gebruikt als roede om het land wakker te schudden en vruchtbaar te
maken.
Beltaine
valt in de wilgenmaand, een periode van magische groeikracht.
Tot
slot enkele wilgentoverijtjes:
|
Jacques
Perk
Wilg en popel (LXXXVIII)
Meen
niet, dat éene deugd voor allen past! -
De popel streeft omhoog met trotsch verachten
Der aarde, en 't harte popelt haar van smachten
Naar 't blauw des hemels, waar de vrede wast;
De
treurwilg nijgt èn loot en loover-last,
Die 't water zoeken met een hoopvol trachten:
En lijdzaam op de blijde stonde wachten
Dat zij door golfjes worden overplast:
Men
moet den popel, die zich buigt, verachten,
De treurwilg, die de wolken zoekt, misdoet, -
Want elk moet, wat hem past te doen, betrachten:
Wie,
wat zijn aard beveelt, verricht, is goed:
De duif zij zacht, maar de arend toon' zijn krachten,
En gal zij bitter, maar de honig zoet.
Ingezonden door Piet Bron
HTML: Marc van Oostendorp, voor het project Laurens Jz. Coster
|
Terug
|