Vlier

Door: Col
© Copyright: Col, 2002
bomen@boudicca.de
Door de auteur aan Boudicca's Bard ter publicatie aangeboden

Fam. Caprifoliaceae
Latijnse naam: Sambucus nigra

Frans: Sereau
Duits: Holunder
Engels: Elder

Rune: Ruis

Andere namen: Devil's wood, black elder, judas tree

 

Symboliek

Trefwoorden: Genezing, symbool van dood en wedergeboorte, voortduren door transformatie

God: Pryderi (zoon van Pwyll)

Godin: Vrouw Holle

Machtsdier: Zwart paard, raaf, das, draak

Tarot: Witte Godin

 

Botanie

De vlier is een wijdverbreide, snelgroeiende (3 meter/jaar) grove heester: Europa, Klein Azië, Noord-Afrika.

De gewone vlier groeit zowel in het laagland als in het voorgebergte, op open plekken in het bos of als struikgewas in de naaste omgeving van bewoonde plaatsen. Het is een in vrijwel geheel Europa wijd verbreide soort, die een onregelmatig en sterk vertakt silhouet vertoont en meer dan 10 m hoog wordt. De bladeren zijn samengesteld, smal en veervormig en bestaan uit vijf of zeven ovale of lancetvormige blaadjes met sterk getande randen, eindigend in een punt. De bloemen zijn klein, cremewit, stervormig (5 puntig!) en ze vormen grote platte bloeiwijzen tot wel 20 cm doorsnee. De bloemen worden gevolgd door trossen van bessen, die kleuren van groen, via rood naar diep blauw zwart. De stam van de vlier heeft een gebarsten schors, die een kurkachtig soort donkergrijze banden vormt, terwijl takken en twijgen een dik wit merg bevatten. Deze boom dankt zijn decoratieve karakter aan zijn bloemen en vruchten. De plant is geschikt voor vochthoudende, stikstofhoudende (vervuilde) grond, in zon of halfschaduw, langs spoorbanen in industriegebieden, kan tegen het slechtste weer, groeit prima op een riool, kan tegen zoutstormen als de boom bij de zee staat.

 

Gebruik

Geneeskracht

  • Werkzame bestanddelen

Bad, bloem, bessen, zaden, bast en wortel.

Bevat valeriaanzuur, looistoffen, hars, suiker, slijm, appel- en wijnzuur, etherische olie, pectine.

 In een boek uit 1644: Anatomica Sambuca, 230 bladzijden, wordt de vlier gebruikt voor meer dan 70 kwalen.

Hieronder een overzicht van de toepassingen die ik zoal gevonden heb
 

·        blad:

Algemeen: bloedzuivering.

Tegen stress, regulering van de suikerhuishouding, vlierbadthee:

2 afgestreken theelepels in kwart liter water, affilteren, kleine slokjes drinken verdeeld over de dag.

In badwater ter bevordering van bloedcirculatie van de buikorganen en daarmee tegen onvruchtbaarheid.

Helpt bij suikerziekte.

Blad in melk tegen roos (haarwater).

Verse bladeren fijngestampt met reuzel uitwendig bij zwellingen, tumoren, verlicht jicht.

Jonge bladeren en stelen koken in vette bouillon tegen slijm en gal.


 

·        bloem

Genezen van zweren op vingers, reuma, griep en verkoudheid.

Koken in melk met daarin wittebrood, tussen dunne linnendoekjes leggen op branderige ogen, trekt alle brand eruit.

Inwendig tegen scheurbuik.

Thee, preventief tegen verkoudheid, griep, amandelontsteking, keelpijn:

2 eetlepels gedroogde bloesem op 'n kop kokend water, enkele minuten laten trekken.

Vlierolie getrokken uit bloem (of bast): braakmiddel bij vergiftiging.

Koortsdrukkend en zweetafdrijvend, verlicht chronische ontsteking van de ademwegen.

 

·        bes

Verfrissend,  bloedzuiverend, laxerend.

Gedroogd: niergeneesmiddel, drijft vocht af, ontgift, helpt bij chronische aandoeningen van de luchtwegen.

Melk + 10 bessen tegen hoofdpijn.

Koortsdrukkend, zweetafdrijvend.

Thee: tegen met koorts gepaard gaande verkoudheid, migraine en ernstige zenuwpijnen.

Stilt kramp en neuralgische pijn.

Maak in de herfst moes van bessen met schijfjes appel en suiker. Gebruik dit 2 á 3 weken in plaats van soep, dit lijdt tot diarree, gif wordt verwijderd, heel heilzaam voor reuma en jichtlijders. De klachten verminderen, de weerstand wordt gestimuleerd en gesterkt.

Vlierbesmelk tegen hoofdpijn:

Ongeveer 10 bessen in melk weken, ook tegen kater en last van lever of nieren.

Preventief griepmedicijn:

Bessen in fles met brandewijn, net bedekt, 2 weken in de zon, licht uitpersen: vlierbessengeest.

Van het sap maak je een hartversterkende wijn, 'n goed alternatief voor en goedkoper als port.

Bessen in wijn menstruatie opwekkend

 

·        zaden

Tegen waterzucht en zwaarlijvigheid (’s ochtends drinken met slokje wijn).

 

·        bast

Opruimen van slechte maagsappen, laxerend.

Vlierolie getrokken uit bloem of bast: braakmiddel bij vergiftiging.

Vlierschorsthee: tegen darmklachten, harde, trage ontlasting, urine-, blaas- en nieraandoeningen.

Bast wordt van onder naar boven afgetrokken, de groene delen worden eraf geschrapt, ’n halve theelepel (of 1 eetlepel bast en 2 eetlepels blad) in een kop koud water, filteren en over hele dag kleine stokjes drinken.

 

·        wortel

Tinctuur tegen open been wonden, artritis, maagzweer, is een bloedsomloopstimulerend middel, tegen aambeien, verlammingsverschijnselen.

Vlierwortelwijn versterkt de nierfunctie, reinigt de darmen en neemt vochtophoping weg: eetlepel fijngesneden schoongemaakte wortel, begieten met droge witte wijn, kort koken, filtreren, 2 of 3 maal daags een klein slokje.

Bewaren:

Droog onderdelen als ze rijp zijn en als het buiten droog is.

Droog in de schaduw op gaas.

 

Voeding, brandbaarheid en ander praktisch gebruik

De naam Sambucus duidt op een grieks instrument, gemaakt van vlierenhout, ook in Italië bestaat een instrument gemaakt van vlier, de Sampogna.

De Romeinen gebruikten de vlier om hun haar zwart mee te verven (kleurecht).

 

De volgende delen geven verfstoffen:

-         schors en wortel: zwart

-         bladeren: groen

-         bessen: blauw, lilla, violet of paars.

Het hout is zowel zacht (jonge takken) en uit te hollen en wordt gebruikt voor blaasroeren, fluiten etc., als keihard en wordt gebruikt voor priemen, slagerspennen, weefnaalden en ter vervanging van ebbenhout.

De bloemen worden gebruikt voor cosmetische doeleinden: reinigingsmiddel voor de huid, eau de serreau: kopje vol geschudde en gedroogde bloemblaadjes of groene bast in 1 liter heet water, enige uren laten trekken met wat honing, toverhazelaar en glycerine.

Ook geschikt als ooglotion: geeft  “de kracht om te zien.”

De bladeren helpen om insecten te weren, de stank kan echter ook meer dan alleen insecten afweren!

Het merg is zeer licht en wordt gebruikt als watten of om fijne instrumenten schoon te maken.

Vlierkoekjes:

Bloem schoon schudden (ongedierte), door pannenkoekdeeg halen, uit laten druipen en in heet vet kort frituren.

Limonade van bloesem:

Water erover, 4 of 5 dagen laten trekken in de zon, daarna bloemen zacht uitknijpen en het sap zeven en in flessen of kannen doen.

In het wapen van de Overijsselse stad Hellendoorn komt de vlier voor in het gemeente wapen:

"In azuur een hert van goud, klimmende tegen een vlierboom van hetzelfde, beide geplaatst op een grasgrond van sinopel. Het schild gedekt met een gouden kroon van drie bladeren en twee parels."

De gemeente voert de volgende vlag :

 

Oorsprong/verklaring:

Hellendoorn voerde tot het eind der vorige eeuw geen eigen wapen. Aanleiding voor het aanvragen van een wapen was, net als bij diverse andere gemeenten, de bouw van een nieuwe vergaderzaal voor de Staten van Overijssel. In de ramen van deze zaal zouden de wapens van de diverse gemeenten opgenomen moeten worden.

De directeur van het Overijssels Geschiedkundig Museum werd gevraagd een wapen te ontwerpen. Hij is tevens de ontwerper van de meeste Overijsselse wapens van 1898. Hij ontwierp een wapen, bestaande uit een vlierboom en het hert. De vlierboom zou een sprekend element zijn, 'hellendoorn' zou afgeleid zijn van een oud Anglo-Saksisch woord voor vlierboom. Het hert zou het vele wild in de gemeente symboliseren.

De gemeenteraad ging in principe akkoord met het ontwerp, alleen zag men graag dat de vlierboom vervangen werd door een doornstruik. Dit zou het sprekende karakter sterker maken. Een van de raadsleden gaf ook aan dat 'hellendoorn' overeen kwam met witte doorn en niet met vlier. Ondanks een uitgebreide discussie werd het oorspronkelijke ontwerp toch aanvaard.

De naamsherleiding is ook daarna nog wel onderwerp van discussie geweest, maar er zijn enkele aanwijzingen die het inderdaad aannemelijk maken dat Hellendoorn afgeleid is van vlier (zie Ponsteen, 1970).

Magisch gebruik, mythen en legenden

Wie is  de vlier? Waarom de vlier nu?

In de winter grillig, slordig, rommelig, nauwelijks een boom, in het voorjaar 1 van de eersten die blaadjes krijgt en uiteindelijk een bladerdek zo dicht dat je er echt onder kunt schuilen. Vogels maken er graag hun nest of spelen tussen de takken.

Later krijgt de vlier imposante bloemschermen die heerlijk ruiken en meestal is ze dan precies met midzomer op haar mooist. Het stikt van de insecten en we maken vlierpannenkoeken. Vervolgens komt de herfst, dikke trossen zwarte bessen, waar spreeuwen en merels van smullen en waar wij wijn en sap van maken. Vrij plotseling is alles afgelopen, de bladeren vallen af.

Zo verbeeldt de vlier de voortdurende verandering van het jaar, maar ook de verschillende gezichten van de godin, de maagd, de moeder, de wijze vrouw. Als de natuur stil is herinnert de vlier aan het onzichtbare 4e aspect, de verborgen kracht. In deze tijd is het goed ons bewust te zijn van de mogelijkheden van vlier in de periode die nu voor ons ligt.

In vroeger tijden hoorde de vlier bij vrouw Ellhorn, Hyldemoer oftewel vrouw Holle. Zij is de doodsengel, die de mensen die sterven moeten ophaalt en begeleidt. Vandaar het gebruik van vlier rondom begrafenisrituelen: de doodgraver snijdt een vliertak om de dode de maat te nemen, een kruis van vlier in de kist of op het graf (ook: begraven onder de vlierboom). Als de vlier gaat uitlopen wil dat zeggen dat de dode zalig is geworden. Een zweep van vlier voor de menner van de begrafeniswagen.

Vóór die tijd doet ze alles om mogelijk te maken dat we zo krachtig mogelijk leven. De vlier schenkt ons daarvoor alle onderdelen, bladeren, bloemen, bessen, bast, wortel.

Vandaar een uitspraak uit vroeger tijden: "voor de vlier moet je je hoed afnemen."

Uit megalitische tijd werden steensplinters gevonden in de vorm van vlierbladeren. Sommige barrows hadden een poort in de vorm van een vlierblad.

Dit wijst duidelijk op de symboliek van de transformatie, de dood is een poort waar je door heen moet, een overgangsgebied. De boom die het begin aan het einde en het einde aan het begin markeert, zowel de boom van volledigheid als die van doem.

De plant beweegt zich tussen vloek en zegen:

Judas hing zich op aan de takken van de vlier (een zwam die alleen groeit op vlier wordt judasoor genoemd), terwijl het kruis van vlierhout was gemaakt.

Te klein voor een boom, te groot voor een struik.

De bladeren stinken als oude muizennesten en doodt bijna alle planten die in de schaduw groeien, terwijl de bloemen heerlijk geuren en de plant er dan uitziet als een prachtige bruid.

Het is ook de boom van de Sidhe, bij de veronderstelde woonplaats van de Sidhe werd een vlier geplant om hen gunstig te stemmen. De boom werd daarom onderhouden en verzorgd door een speciaal daar voor aangewezen persoon.

 

Magische gebruiken:

Kruis van vliertakken om onheil af te wenden.

Schrijf je klachten op een briefje, stop dit in een holle vlier en je klachten verdwijnen.

Een verbod op verbranden van de vlier, bij gebruik dien je een tak te planten voor een nieuwe plant.

(Persoonlijke) gedichten, gebeurtenissen en verhalen

                    De krekels en de wandelaar (uit: Van zon en zomer, 1902),
                    C. S. Adama van Scheltema
 

De dag ging heen, zonk eenzaam achter
 Een oude wijze vlier,
De meiliedjes werden al zachter,
 De wei lag vol getier -
De kleine krekels riepen:
Kom hier! kom hier! kom hier!

'k Sloop zachtjes door de bronzen wei,
 Het zong er als een lier, -
Ik hoorde 't - ik was heel dichtbij -
 Dan zweeg 't - ik zag geen zier, -
't Was verder dat ze 't riepen:
Kom hier! kom hier! kom hier!

De avond borg zijn schoonheid weg
 - Zijn schatkist op een kier -
Ik zag het niet, 'k zocht langs de weg,
 Ik zocht zoo'n zingend dier, -
't Was ginder dat ze 't riepen:
Kom hier! kom hier! kom hier!

Ik voelde mij alleen in 't donker,
 Een sterretje had pleizier
En lachte met zijn fijn geflonker
 Door de oude wijze vlier, - -
Alleen de krekels riepen:
Kom hier! kom hier! kom hier!


Witches and Eldar Tree

Witches would often turn themselves into elder trees, one famous witch turned a king and his army to stone. The rollright stones in Oxfordshire are said to be a Danish King and his men on the way to battle the English. The king ask the witch his fate she replied

Sevenlong strides thou shalst take,
And if Long Compton thou canst see
King of England thou shalst be.

Because he was almost at he crest of a hill he was confident, so he rode forth and on the seventh stride a long mound rose up before him blocking his view.

The old witch continued:

As Long Compton thou canst not see,
King of England thou shalst not be,
Rise up stick, and stand still stone,
For king of England thou shalst be none,
Thou and thy men hoar stones shall be,
And I myself an elder tree.

 

In an instant the Danish king an his men were turned to stone. The warriors loyal to the king became the Kings Men stones set in a circle and those that questioned his authority became the Whispering Knights huddled together a part from the others. The King became the Stone King still in shock. The witch resume her quise as guardian elder tree.

Local customs and tradition around this legend say on midsummers eve if people sought out the elder tree and danced with elder garlands in there hair at midnight the Stone King would turn his head to watch the dancers.


Terug