|
Nederlandse vertaling: Fred (fred@boudicca.de) 2005. Deze tekst werd oorspronkelijk gepubliceerd in het amerikaanse tijdschrift Sagewoman in de kwartaaluitgave zomer, 2002. (www.sagewoman.com) en daarna voor het Internet vrijgegeven.
Ver weg hoor je de roep van een wolf, het meest eenzame van alle geluiden. Je staat op een witte helling; boven je rijzen de Bergen van Jotunheim waar de vorst-reuzen leven, de ijzige wind verandert ijsrotsen in fantastische vormen, bomen van ijs, bevroren watervallen. Aan een hoge klif kleeft vervaarlijk een fort, witte muren glimmend in het licht van de sterren. Een donker bos bedekt de onderliggende hellingen. Plotseling golft een blauwige straling boven je alsof er een band van kleurig licht in de hemel werd gewapperd. Het beweegt opnieuw, gloeit paars, groenig, geel, licht groen. De kristalachtige muren van het kasteel glimmen met de weerkaatsingen van de regenboog. Dan vervagen de kleuren en is de nacht opnieuw donker. Het huilen van de wolven is opnieuw te horen, dichterbij ditmaal. Jij, in stilte luisterend. Komen ze deze kant op? Plots ben je je ervan bewust dat je helemaal alleen bent in deze woestenij van rots en sneeuw. Je haast je naar het dichtstbijzijnde stukje bos, jezelf verschuilend in de schaduw van de grote altijdgroene bomen. Loerend vanuit die schaduw zie je een donkere schim door de sneeuw draven. Een moment later wordt deze gevolgd door een andere. Nog meer komen daarna - grijze wolven, witte wolven, zwarte wolven, lichtvoetig rennend door de sneeuw. Je houdt je adem in, de neiging onderdrukkend om met hen mee te rennen en bevreesd om gezien te worden. Als de laatste wolf gepasseerd is verschijnt er een andere figuur, groter dan de grootte van stervelingen, gehuld in een witte bontjas met zwarte laarzen en handschoenen, terwijl zwart haar achter haar aan golft. Snel beweegt ze zich voort, haar sneeuwschoenen zorgen ervoor dat ze aan het oppervlakte van het sneeuwdek blijft. Ze draagt een boog bij zich. Dichter en dichter nadert ze, met de wolven meerennend. Je trekt jezelf terug in de diepe schaduwen van de bomen. Haar gezicht is rimpelloos, maar haar blik is ijzig kil. Als ze nadert, stopt ze even, haar ijzige blik door het woud gaande en je hart stopt met kloppen. Heeft ze je gezien? Dan vertrekken haar lippen zich tot een stille lach, ze springt voorwaarts en snelt verder de helling af. Een verlangen dat je niet kunt weerstaan zorgt ervoor dat je achter haar aan wordt getrokken. De achtervolging leidt je verder de helling af; soms struikel je, maar je slaagt erin om haar in zicht te houden. De sneeuw wordt minder dik, rotsen komen tevoorschijn. Je kunt nu stromend water horen. Je glijdt uit in de modder, de sneeuw smelt, allereerst tot een modderige smurrie, vervolgens tot donkere modder. Het geluid van smeltend water, druppelend, is overal. Je moet je weg voorzichtig door de poelen zoeken. Het smeltwater is ondertussen een gorgelende stroom geworden; snel aanzwellend en de temperatuur stijgt. Je wordt trouwens zelf ook warmer; je werpt je bontjas uit en ziet dat de figuur voor je hetzelfde heeft gedaan. Het kledingstuk dat ze onder haar bont aan heft is net zo donker als de grond waarop ze staat. Voor haar is de hemel grijzig aan het worden; de luchttemperatuur is nog steeds koud, maar nu is het een dampige kilte en niet meer de scherpe koude van de sneeuw. De grond is ook steviger, en wanneer je door bosschages loopt, zie je de nieuwe knoppen aan de takken; grassen beginnen zichzelf door de grond te duwen. Een windvlaag beweegt het bos, en als je uit het bos komt zie je dat de bomen voor je wolken van witte bloesems dragen; bloemblaadjes zweven als lentesneeuw boven de donkere grond. De wolven hebben hun idiote race beëindigd; ze rollen over de grond, springen en grommen speels. De koningin wolf hapt naar een van de mannetjes, maar hij komt toch terug, met zijn neus tegen haar schoften aandrukkend totdat ze uiteindelijk stil staat en toch zijn omhelzing aanvaardt. De Vrouwe is gestopt aan de rand van een weide, de modderige grond nog steeds bedekt met de zilverige sprieten van het gras van vorig jaar. Bomen groeien er in een cirkel omheen; dit is de vrijplaats van de Vrouwe. De lucht wordt stadig aan lichter. In het oosten doorboort de eerste van de gouden pijlen de lucht. Roze volgt, banieren van wolken in vuur en vlam zettend. Het gezicht van de Vrouwe licht op. Het is nog steeds knap, maar het heft zich verzacht, de ogen die eerder zo ijzig leken zijn nu zo helder als het water in de stroom. De wolven spelen aan haar voeten. Ze heft haar armen op, en de zon kromt zich van achter de heuvels. Op het moment dat de eerste stralen de aarde beroeren spruiten nieuwe groene planten door het door de winter gedode gras. Als de zon rijst wordt de gestalte van de Vrouwe zo weerschijnend dat je nauwelijks meer kan zien. Verbijsterd sluit je je ogen. De wereld draait om je heen. Wanneer het stil wordt bevind je je wederom in je eigen bekende omgeving. Maar het verhaal van de Godin blijft levensecht in je innerlijk bestaan, en wanneer je weer aan haar denkt dan stroomt je bloed zingend door je aderen en je herinnert je hoe het was om vrij te rennen. We noemen Skadhi een godin, maar in de oude verhalen van het Noorden is ze niet afkomstig van een clan die de Aesir genoemd worden, noch afkomstig van de landbouwende Vanir, maar van verwanten die veel vroeger leefden – de vorst- reuzen van vroeger tijden. Zoals in vele andere culturen het geval is hadden de vroegere bewoners van Scandinavië mythes van een eerste generatie van goden die de ongetemde krachten van de natuur symboliseerden. Ik geloof dat ze hun namen voor het eerst hebben gekregen van onze vroegste voorvaderen, die leefden in een intieme met de natuurlijke wereld omdat daarin jaagden en verzamelden en in grotten beschutting zochten. Ondanks de overtuiging van 19de eeuwse folkloristen dat de verhalen van de goden verzonnen waren om natuurlijke fenomenen te verklaren, zijn de goden die we in de meer ontwikkelde mythologieën aantreffen zeker niet de goden van natuurkrachten (zelfs Apollo en Artemis namen hun associatie met de zon en de maan over van respectievelijk de Titanen Helios en Selene), maar meer cultuurgoden, de beschermheiligen van sociale verhoudingen en functies. Toen menselijke culturen zich verder ontwikkelden werden de kunsten van het kweken van voedsel en het bouwen van huizen steeds minder vatbaar voor variaties in het milieu, en men begon zich steeds meer van de natuur te verwijderen. Nieuwe inzichten hadden nieuwe goden nodig, en daardoor vinden we in de meeste mythologieën verhalen over hoe de oorspronkelijke godheden werden verslagen door de godheden van de menselijke cultuur, die we thans kennen als de goden. In de theogonien van de Grieken, bijvoorbeeld, zien we dat de Titanen werden overwonnen door Zeus en zijn mede-Olympiers en dat ze in de Onderwereld werden opgesloten. In het verre Noorden was dat niet zo, althans niet helemaal. In hun mythen wordt gezegd dat de oudsten van de ware goden het oorspronkelijke Wezen, Ymir, doodde en dat van zijn lichaamsdelen de wereld gecreëerd werd. Maar alle andere elementaire geesten verblijven nog steeds in Utgarth—De wilde wereld voorbij de menselijke muren (De beschermde plek binnen de muren wordt Innangarth genoemd). Zelfs de god Thor, wiens hamer de goden en de mensen beschermt, vernietigt slechts genoeg van die giganten om de balans te behouden, zodat er ruimte op aarde blijft bestaan voor het mensdom. De mythes van het Noorden staat vol met verhalen waarin de goden en de giganten met elkaar te maken hebben, soms met hen vechtend, soms hen in de maling nemend, soms hun kastelend bezoekend op zoek naar wijsheid. De geschiedenis van de relaties tussen de cultuurgoden en de elementaire krachten lijkt in feite op de geschiedenis van de mensheid en de natuur. Er zijn echter geen verhalen waarin de Jotnar direct met de mensen te maken hebben. Zoals de held Ottar, die slechts informatie van de vrouwelijke gigant Hyndla kon ontfutselen indien hij als een everzwijn vermomd was en beschermd door zijn beschermvrouwe Freyja. We kunnen hen dus slechts benaderen door tussenkomst van de goden. Maar, net zoals wijzelf hebben goden, die de woeste krachten van de natuur bevechten, diezelfde natuur ook nodig om te overleven. Ondanks de af en toe plaatsvindende conflicten zijn voor zowel Aesir als Vanir de Jotnar de enige bron van bruiden buiten hun eigen bloedverwanten. In het Noorden zijn het niet de mannen, ondanks het feit dat ze gewelddadig kunnen zijn, maar de vrouwen die de sleutel zijn tot de oorspronkelijke krachten. Als je in Asgard in het wezen van een godin kijkt heb je een grote kans dat je een gigantenvrouwe aantreft. Thor zelf is de zoon van Odin die bij Jordh verwekt is. De naam Jordt betekent “Aarde”. Frigga, Tyr en vele van de andere Aesir zijn de kinderen van Jotnar, en de Vanische god Freyr trouwt met de vrouwelijke gigant Gerd. Het is daarom geen verrassing dat doormiddel van zowel oorlog als huwelijk de Skadi komen te wonen bij de goden van. In de Vroege Edda wordt verhaald dat eens, lang geleden, Odin, Hoenir en Loki in Utgard reisden. Utgard was het gebied van de giganten. Ze waren echter vergeten om een offer naar de machten van het gebied te maken toen ze er doorheen trokken. Toen ze hun avondeten probeerden te roosteren, wilde de gigant Thjazi, die hen in de gaten hield in de vorm van een adelaar, het niet toestaan dat het gaar werd totdat hem ook een stuk werd aangeboden. Toen Loki hem probeerde te weerhouden om teveel mee te nemen, werd hij meegevoerd en werd pas vrijgelaten nadat hij had beloofd om Idunna – ze bezat de appels van de jeugd - te ontvoeren en haar naar Gianthome te brengen. Op het moment dat Loki dat deed begonnen de goden hun krachten en schoonheid te verliezen en bedreigden Loki zodanig dat hij beloofde om de godin terug te brengen. Freyja leende hem zelfs haar valkenvorm zodat hij de reis kon gaan maken. Toen Loki aankwam bleek Thjazi weg te zijn en hij veranderde Idunna in een noot en vloog met haar weg. Thjazi, in zijn adelaarsvorm, achtervolgde hen, maar de goden stonden voor hem klaar. Ze maakten een groot vuur en toen Loki Asgard bereikte maakte hij een scherpe bocht, maar Thjazi ging veel te snel, vloog in het vuur en verbrandde. Dat zou het einde van het verhaal moeten betekenen. Maar niet lang daarna werd er een ander figuur gezien die Asgard naderde vanuit de richting van Gianthome. Het was groot met een heldere helm en maliënkolder, een mantel van wolfsvel over de schouders, een stoer schild en een scherpe aks in zijn hand. Maar het was een vrouwenstem die uitdagend de schildwachten aanriep; het was Skadhi die naar Asgard gekomen was om bloed of compensatie te eisen voor de dood van haar vader. Als de mannen van het noorden niet in sommige gevallen bloedgeld hadden willen ontvangen in plaats van bloedwraak dan zouden er niet al te veel van hen over zijn, en de compensatie die een vrouw, die haar mannelijk gezinslid had verloren, was om haar een ander aan te bieden. Skadhi, na lang nadenken, was het er uiteindelijk mee eens dat ze zou afzien van haar wraak als men haar de mooiste van hen als echtgenoot zouden willen geven, plus dat men haar aan het lachen zou kunnen krijgen. Het wordt gezegd dat Loki er in slaagde om het laatste voor elkaar te krijgen door het ene eind van een stuk touw om de horens van een bok te binden en het andere eind om zijn testikels. Zijn potsierlijke bewegingen die hij uitvoerde toen de geit heen en weer rende waren op zijn minst een afleiding. Misschien dat Skadhi hoopte dat de bok zijn ballen zou afrukken als zou dat voor Loki niet zoveel uitmaken omdat hij bijna net zoveel tijd als man dan als vrouw had geleefd (maar da’s een heel ander verhaal). Toe Skadhi lachte begon de wintervorst uit haar ogen te verdwijnen en de ijzige stijfheid haar ruggengraat. Voor wat betreft de keuze van echtgenoot stelden de goden ook hun eigen voorwaarde: ze mocht haar man kiezen op basis van alleen zijn voeten. En zij, volstrekt zeker dat Baldur, die de Mooie genoemd werd, in dat onderdeel van zijn anatomie – net zoals alle andere delen – zou uitblinken. En zo stelden ze alle goden op een rij achter een lange strook linnen en Skadhi liep op en neer naar hun voeten kijkend totdat zee en paar zag die prachtig gevormd en sterk waren, en wit als het schuim van de zee, en ze zei—“Ik kies hem.” Maar toen het gordijn viel was het niet Baldur die ze gekozen had, maar Njordh, de Vanische god die iedereen beschermd die hun levensonderhoud aan de zee te danken hebben. Hij houdt ervan om blootsvoets langs de kusten van de zee te lopen en ik geloof dat zijn voeten daardoor zo mooier dan alle anderen zijn geworden. Maar, net zoals alle andere huwelijken die onder valse voorwendselen worden gesloten, was ook de verbintenis tussen Njordh en Skadhi niet erg succesvol. Skadhi’s huis bevond zich in Thrymheim (de wereld van de herrie van de storm), in de met sneeuw bedekte toppen. Toen Njordh daar negen nachten had doorgebracht begon hij bitter te klagen dat hij geen oog dicht kon doen vanwege het gehuil van de wind en het gehuil van de wolven buiten de woonstede, en hij noemde het een boosaardig geluid in vergelijking met het zingen van de zwanen. Maar toen Skadhi negen nachten in zijn woonstede aan de haven van Noatún had doorgebracht klaagde zij dat ze iedere keer bij het ochtendkrieken werd gewekt door het gejammer van de zeemeeuwen. En zo besloten ze uiteindelijk om uit elkaar te gaan en om huns eigen weegs te gaan. Het wordt gezegd dat Skadhi na een tijdje erg vriendschappelijk met Odin omging en dat ze hen een aantal zonen schonk. Die zonen werden de stamvaderen van de sterfelijke koningen. Zeker is in ieder geval dat ze in haar eigen woonstede bleef wonen, haar eigen metgezellen kiezend, en soms hulp geven aan het mensenras. Een oud gedicht dat "The Flyting of Loki" genoemd wordt, verhaalt van een feest in de woonstede van de Zeegoden en waar Loki alle goden beledigt. Toen hij Skadhi eraan herinnerde dat hij haar vader had gedood antwoordde ze dat hij niet meer zou krijgen dan het ophalen van een schouder als hij zou pogen hulp te zoeken bij haar heilige bossen en heiligdommen. Sommige wetenschappers denken dat in de Vinkingtijd de oorspronkelijke krachten niet meer vereerd werden, en er zijn geen verhalen overgeleverd waarin mensen die krachten direct tegenkomen, maar wellicht dat Skadhi door in de familie van Asgard te huwen, meer bereikbaar was geworden. Er bestaan een aantal Scandinavische plaatsnamen die haar naam in zich dragen, gekoppeld aan de woorden veld of bos. Dit kunnen de heiligdommen zijn waar ze het over had. Andere aanwijzingen zijn dat de vrouwelijke aardkrachten, de Maurnir, werden aangeroepen voor zaken als vruchtbaarheid. Het kan zijn dat Skadhi als een van hen werd gezien. In de winter werd de schoonheid van Skadhi gezien als de is grimmige schoonheid van het noordelijke ijs en de rotsige bergwanden. Haar naam kan "scathe" (bijtend) of misschien "shadow" (schaduw) betekenen. Ze wordt ook de sneeuwschoengodin genoemd omdat ze op sneeuwschoen of ski’s de wildernis doorkruist, jagend op de wilde dieren met haar boog. In de winter is ze ook de vrouw die met de wolven meerent, energiek, wild en vrij. Haar associatie met wolven lijkt bijzonder betekenisvol voor degenen van ons die de roman Women Who Run with the Wolves van Estés hebben gelezen. Hoewel Estés Skadhi niet specifiek noemt behoort de elementaire vrouwelijke natuur, die ze beschrijft, wel degelijk aan de noordelijke godin toe. "Een gezonde vrouw lijkt in veel opzichten op een wolf: robuust, boordevol sterke levenkracht, levenschenkend, besef van territorium, inventief, loyaal, omzwervend." (p. 12) Skadhi is sterker dan welk ander beschaafd wezen dan ook, geheel in staat om de goden uit te dagen. Ondanks het feit dat ze overreed werd om haar wraak voor de dood van haar vader te laten varen, vergeet ze dat echt niet. Wanneer Loki de fout maakt om haar te beschimpen met zijn aandeel in de dood, hernieuwd ze haar eed en, wanneer hij uiteindelijk het geduld van alle goden uitput, wordt hij gevangen gezet en vastgebonden. Zijzelf is dan degene die de slang boven zijn hoofd vastbindt om het gif op zijn gelaat te laten druppelen. Maar het verbond dat haar bindt met de gemeenschap van de bewoners van Asgard is vrijwillig en niet opgelegd, en het is zowel ten voordele van hen als voor haarzelf. Zelfs wanneer ze gehuwd is is ze zelfvoorzienend, en waneer het huwelijk niet goed uitpakt heeft ze hulp van niemand nodig om de situatie te veranderen. Al met al is ze een mooi voorbeeld van een onafhankelijke vrouw en is de speciale beschermer van single-moeders en vrouwen die een traditioneel mannelijke rol op zich nemen. Ze schijnt op te bloeien bij uitdagingen, zowel emotioneel als fysiek. Ze is zeker de godin van de wintersporten, maar het is maar moeilijk te geloven dat ze in de zomer minder actief zou kunnen zijn. Men kan zich voorstellen dat ze over stroomversnellingen rent, aan bergbeklimmen doet, marathons loopt, en uitblinkt in iedere activiteit die geest en spieren op de proef stelt. Ze zou niet uit de toon vallen in een outdoors-winkel We weten van oude verhalen dat ze vriendelijke betrekkingen onderhield met de familie van haar echtgenoot. In "Skirnismál", staat een gedicht waarin verteld wordt hoe haar stiefzoon Freyr zijn vrouw Gerd (ook een vrouwelijke gigant) gewon. Het is echter Skadhi die ziet dat ze steeds bleker wordt en stuurt iemand om uit te vinden wat er met haar aan de hand is. Het is duidelijk dat ze om anderen geeft en het is niet het type dat met haar duimen gaat zitten draaien als er iets gedaan kan worden. We stellen ons haar voor als iemand die op een kwieke, no-nonsense manier de problemen gaat aanpakken. Ik denk dat het juist deze tegenstelling van stoer en gevoelig is dat het karakter van Skadhi het beste uitdrukt. Als Skadhi de aarde bedekt met een beschermende laag sneeuw, dan is ook zij het die het in het prille begin van de lente verwijdert om de bevroren aarde in de zon te laten dooien. Ze ontvangt offerandes aan het begin van februari wanneer de boomgaarden gaan sneeuwen met witte bloesem en de boeren hun velden gereed maken voor de ploeg. Het is een seizoen waarin een late storm behoorlijk gevaar kan opleveren. Op die momenten is Skadhi’s kracht een bescherming die ons in staat stelt om vol te houden totdat de zon genoeg kracht heeft om te overleven.
Werken met Skadhi Skadhi is beslist niet delicaat, maar ze kan worden aangeroepen om zaken te beschermen, zoals de tere knoppen die de winterkoude weerstaat. De tijd waarin dit aspect van Skadhi het best kan worden ervaren het moment wanneer de winter plaatsmaakt voor het iets warme weer van de lente. Uiteraard is dit het best voor te stellen wanneer je leeft in die gebieden waar het vriest en sneeuwt, maar zelfs in meer gematigde gebieden kan de winter koud genoeg zijn om naar de lente te gaan verlangen. Zelfs voordat de temperatuur merkbaar gaat veranderen komt er op een gegeven moment een dag wanneer je een verschil in de lucht merkt, een hint van warmte, een vochtigheid die niet kil meer is. Kijk uit naar juist dat moment, ga naar buiten en neem een diepe teug lucht. Bestudeer te takken. Het sap zal al aan het stromen zijn, de kleinere takken al verkleurend van bruinig naar verser groen. Knoppen zwellen op; een paar moedige blaadjes kunnen al doende zijn om zich te ontvouwen. Als de zon aan kracht wint stop dan je vingers in de aarde en voel dan de veranderingen die daarin plaatsvinden; voel de verandering van de kille winter naar de vochtige gereedheid van de lente. Roep Skadhi aan om het nieuwe leven onder de grond de bewaken, en als je het leven voelt bewegen, zuig die kracht dan op in je eigen lichaam en voel jezelf herboren. Als de lente plaatsmaakt voor de zomer dan zal buitenshuis gaan trekken. Maak gebruik van de zonneschijn en doe wat oefeningen. Want voor velen van ons, die een zittend beroep uitoefenen en al jaren geen conditie meer hebben, lijkt dit een onmogelijkheid. Maar dit moet je beslist niet met tegenzin doen. Er bestaan van die gelukkige zielen die nooit het plezierige gevoel hebben verloren dat we hadden toen we nog als kinderen rondrenden. Voor zij die met groot plezier gymnastiek op school hebben ontlopen en sindsdien nauwelijks meer aan lichaamsbeweging hebben gedaan dan wat dansen bij bepaalde rituelen zal dat wel lastig worden. We hebben allemaal artikelen gelezen over waarom lichaamsbeweging goed voor je is. Maar ze hebben me nooit weten te motiveren en ik was dan ook behoorlijk onthutst toen het allereerste dier met shamanische machten dat ik tegenkwam mij direct wilde laten rennen. Sindsdien wordt er van mij gezegd dat ik meer groenten eet en regelmatig oefeningen doe met behulp van de krachten van de geesten, maar wat mij uiteindelijk over de streep trok was de realisatie, dat bij met werk met de verschillende godheden het zo heerlijk is om de fysieke wereld te ervaren door je menselijke zintuigen omdat ze onderdeel zijn van ons bewustzijn. En een van die pleziertjes is het doen van enthousiaste aerobische oefeningen en dan van de soort dat de spieren losmaakt en dat het bloed door je aderen doet zingen. En als je samen wilt gaan werken met een godin als Skadhi, die zelf uiteraard bijzonder atletisch is, dan zul je jezelf aangetrokken voelen tot allerhande inspannende activiteiten, en dan is het een groot voordeel als je een beetje in conditie bent om te overleven! Sommigen menen dat het inschrijven in een fitness-club de o zo noodzakelijke contaxt en motivatie zal opleveren, anderen hebben de zelf-discipline om met video’s, DVD’s en boeken hun oefeningen te beginnen. Het is echter belangrijk om langzaam te beginnen en langzaam naar de meer inspannende oefeningen toe te werken. En alhoewel hardlopen zijn fans heeft lijkt het erop dat wetenschappelijk bewijs aantoont dat goede energieke wandelingen op de lange termijn meer voordleen heeft. Als er een boogschuttersbaan in je omgeving is dan zou je kunnen onderzoeken of het mogelijk is om daar boogschieten te gaan leren. Als je echt je best doet dan zul je wellicht ervaren dat, wanneer de sneeuw een volgende keer weer valt, je klaar bent voor wat wintersportactiviteiten, zoals lopen op sneeuwschoenen of skiën (speciaal cross country). Als je voelt dat je relatie met Skadhi aan het verdiepen is dan kun je je gemotiveerd voelen om je grenzen op te zoeken. Om uit te vinden hoe het voelt om jezelf tot het uiterste in te spannen. Skadhi is een godin die je uitdaagt. Je zou haar misschien het best kunnen ervaren wanneer je meedoet aan een sport waar een element van gevaar in schuilt, zoals een rivier bevaren met een wildwatervlot of naar een overlevingskamp gaan. Skadhi is afkomstig van Utgard – de wildenis – en alhoewel ze in een beschaafde omgeving van functioneren is haar woestheid nooit ver van de oppervlakte. Ze kan als een goede gids fungeren als wijzelf pogen om onze eigen wildere kanten te ontdekken en daarbij buiten onze eigen grenzen (lichamelijk en geografisch) gaan komen. Of ze nu vanuit onszelf komen of dat ze door anderen zijn opgelegd. Een manier om dit te beginnen te begrijpen is om te gaan kamperen -- alleen. Ik erken daarbij date en vrouw alleen daarbij bepaalde risico’s loopt, maar niet van de wildernis zelf, maar meer van anderen mensen, en ik zou het niet willen aanbevelen zonder dat ik bepaalde voorzorgsmaatregelen zou aanbevelen. Maar ik zou dit ook voor vele andere zaken kunnen zeggen, zoals het wachten bij een bushalte terwijl het allang donker is, maar dat doen we eigenlijk zonder er bij na te denken. Het punt is om gewoon ver genoeg van de bewoonde wereld af te gaan zodat je niets en niemand ziet en hoort dat wat bij de mensen hoort. Dan zul je waarlijk in Utgard zijn. Als je stil bent dan zul je gewaar worden van een wereld die bestaat zonder menselijke verstoring. Er is leven daar, en dood, geweld en vrede. Dit is de wereld van Skadhi. Als je het ooit bezoekt, neem dan in ieder geval een offerande mee (in Europa zijn brood en melk traditioneel)), voor de geesten die hier heersen. Zit dan stil en luister naar wat ze tegen je te zeggen hebben. Utgard kan op vele woeste plaatsen op deze aarde gevonden worden, maar het ka nook van binnenuit ervaren worden. Op een bepaalde manier reizen we door Utgard indien we de diepe krochten van onze geest onderzoeken en dat is dus wanneer we onze eigen normale realiteit verlaten en naar een andere innerlijke wereld reizen. Skadhi kan een krachtige beschermer zijn wanneer we de monsters confronteren die in ons onderbewustzijn huizen, en wanneer we de moed verzamelen om haar voorbeeld te volgen om onze eigen levens op onze eigen manier te leven.
Een ritueel voor Skadhi Een ideale omgeving om met Skadhi te werken zou een besneeuwde bergtop kunnen zijn of, bij gebrek aan dat, misschien de top van een heuvel, een besneeuwde boomgaard met bloesemende appelbomen. De kans bestaat natuurlijk dat je in een gebouw bent en naar het Utgard moet reizen dat binnen je ligt. Je altaar zou echter de natuurlijke wereld moeten aanroepen, special die elementen die Skadhi waardeert. Je zou het met jute of een stuk leer kunnen bedekken en daarop een hoop stenen, die een miniatuurberg symboliseert. Groen, speciaal van altijd groene bomen (in de winter) of vroege bloesems (in de lente), zou toegevoegd moeten worden, plus afbeeldingen of beeldjes van figuren uit het wild, zoals adelaars en wolven. Stenen die met Skadhi geassocieerd worden zijn de natuurlijk voorkomende kwartskristallen (die in de oud-Germaanse talen "bergkristal" of "ijssteen" wordt genoemd), of zwart serpentien, waarin witte kristallen worden aangetroffen. Afhankelijk van het seizoen veranderen haar kleuren van het zwart van de glaciale rotsen of vers gedolven aarde tot het wit van sneeuw of appelbloesem. Voor haar offerandes is een kristallen beker (een "rijp-beker" volgens de Eddas) passend, Deze beker wordt gevuld met vodka of sprankelend bronwater. Probeer voor wat betreft voedsel eens zwart brood (roggebrood) en het vlees van een geit of wild. Om in de stemming te raken zou de een tape kunnen afspelen waarop het geluid van huilende wolven staat.
Het voorbereiden van de heilige ruimte Wanneer je gereed bent dan moet je je cirkel reinigen door er tegen de klok in omheen te lopen terwijl je de cirkel met water besprenkeld en daarna rookwalm uitwaaierend rondom die ruimte. De onderstaande woorden kunnen daarbij gebruikt worden Bergstromen maken
alles rein,
Markeer de grenzen van je heilige ruimte en roep de oerkrachten aan om het te beschermen door er een pijl of een athame met de klok mee erom heen te dragen, terwijl je iets zegt zoals het onderstaande: Met de klok mee loop
ik de weg van verwondering,
Nordhri en Sudhri,
Austri en Vestri, (kijk in de richting van N, S, O en W)
Roep, om de cirkel te bewaken, de gianten aan die familie zijn van Skadhi: Hraesvelg, adelaarvleugelige
windmaker,
Loge, luister, heer
van de vlam,
Ocean-meester, Ægir, open
je ketels,
Oeroude Ymir, Essentie
van de Aarde, Van de oerkrachten
vraag ik bescherming,
Het aanroepen van de Godin Nu steek ik een witte kaars aan en roep de godin aan-- Skadhi, schitterende
sneeuwschoengodin,
Je zou haar ook kunnen eren met dit lied: Wanneer wolven huilen
op de berghellingen,
Reis naar Utgard Zit een paar ogenblikken stil en kijk naar het geschitter van het kaarslicht in het kristal. Lees dat de meditatie die aan het begin van dit artikel is geschreven. Wanneer je dat gedaan hebt, doe dan je ogen dicht, focus op je ademhaling en visualiseer dat je op reis bent om de godin te zoeken. Ofwel in haar bergwoning of in de velden gedurende de lente. Vraag haar om je nog onafhankelijker te maken, of moediger, fysiek fitter—wat je ook maar nodig acht—of vraag haar om advies over welke weg je in je leven zou moeten nemen. Wanneer ze heeft gesproken dan ga je terug via dezelfde weg als dat je gekomen bent, versnel je ademhaling wanneer je weer terugkeert naar je cirkel.
Viering Nadien zou je het kunnen vieren met eten en drinken, terwijl je het als volgt zegent: Zie! Het gouden
graan dat groeit,
Vanaf ijzige hellingen
stromen bergbeken
Het terugkeren naar de Wereld Wanneer je gereed bent bedankt dan Skadhi voor haar zegeningen en blaas de kaars uit. Bedank dan ook de andere krachten. Ymir en Jordh,
Midgard's voedingsbodem,
Nordhri en Sudhri,
Austri en Vestri, Ruim de barrières die jouw ruimte van de algemene werkelijkheid afscheidde, en keer terug naar de mensenwereld.
Loop om de cirkel
heen, en dan weer terug,
Bronnen:
|